Nieuws Actualiteiten > Overige belastingen
Huwelijkse voorwaarden met verrekenbeding? Let op!
In de huwelijkse voorwaarden wordt vaak een verrekenbeding opgenomen, waardoor bij overlijden van een van de partijen successierecht kan worden bespaard. Als dit beding niet goed geformuleerd is kan uitoefening daarvan alsnog tot heffing van successierecht leiden. Huwelijkse voorwaarden worden vaak opgesteld om tijdens het leven van beide echtgenoten het vermogen volledig of gedeeltelijk te scheiden. Bij het einde van het huwelijk door overlijden kan het echter in principe voordelig zijn om toch af te rekenen alsof het vermogen van beide echtgenoten voor de helft aan iedere echtgenoot toebehoort. Dit wordt bereikt door in de huwelijkse voorwaarden een finaal verrekenbeding op te nemen. Een verrekenbeding zal in principe leiden tot besparing van successierechten door - onder meer - spreiding van het verschuldigde successierecht over twee overlijdens. In een verrekenbeding wordt bepaald, dat als het huwelijk wordt ontbonden door overlijden van één van de echtgenoten, verdeling plaatsvindt alsof sprake was van een gemeenschap van goederen. Een dergelijk verrekenbeding wordt fiscaal ook gevolgd voor het successierecht, mits sprake is van een verplicht wederkering finaal verrekenbeding. Dit is een beding, waarbij verplicht moet worden afgerekend, ook al overlijdt de minst vermogende partij als eerste. In sommige huwelijkse voorwaarden is bepaald dat de overlevende echtgenoot de keuze heeft om wel of niet van het verrekenbeding gebruik te maken. Dit wordt een facultatief verrekenbeding genoemd. Een dergelijk verrekenbeding wordt fiscaal echter niet gevolgd. Op grond van een fictiebepaling in de Successiewet zal dan het verschil tussen de helft van het gezamenlijke vermogen en het (lagere) privé-vermogen van de langstlevende echtgenoot als een belaste erfrechtelijke verkrijging worden aangemerkt. In december 2005 heeft het Hof Amsterdam uitspraak gedaan over de toepassing van deze fictiebepaling in het geval van een verrekenbeding. In deze zaak was in de huwelijkse voorwaarden opgenomen dat bij overlijden verrekend zou worden alsof sprake was van een gemeenschap van goederen. Daarnaast had de langstlevende echtgenoot de keuze om door middel van een verklaring aan te geven dat hij geen gebruik van het verrekenbeding wenste te maken. Deze keuzemogelijkheid zorgde er volgens het Hof voor dat sprake was van een facultatief verrekenbeding, waarop de fictiebepaling van toepassing was. Er was daarom een hoger bedrag aan successierechten verschuldigd. Een afdrachtvermindering houdt in dat een werkgever onder voorwaarden minder loonbelasting en premie volksverzekeringen hoeft af te dragen. De vermindering kan echter niet leiden tot een teruggaaf. Er bestaan verschillende afdrachtverminderingen. Deze kunnen tegelijk samengaan behalve de afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk en de afdrachtvermindering zeevaart.
|